Volgens Brits acteur Peter Ustinov: “rij je zelf in een Alfa Romeo, word je gereden in een Rolls Royce en geef je je favoriete maîtresse een Delage.”

Deze keer bouw ik de Delage van Heller. Op de kop getikt op Marktplaats.nl in een partijtje met onder andere ook de Packards van Monogram. De Delage D.8SS is weer zo’n onbekend juweeltje uit de rijke catalogus van Heller.

Delage D.8 in de Hellerdoos uit de jaren 70/80 (zwarte rand)

Delage D.8 in de Hellerdoos uit de jaren 70/80 (zwarte rand)

Delage was een Frans automerk dat (zelfstandig) bestond van 1905 tot 1935, opgericht door ingenieur  Louis Delage. De filosofie van Louis Delage was alleen het beste te leveren, zowel mechanisch  als stilistisch. Lofwaardig natuurlijk maar de uitdaging is dit te combineren met een gezonde commerciële instelling en daar schortte het, zoals vaker automerken die door  ingenieurs geleid worden, nogal aan. De crisisjaren ’30 waren het eindstation voor Delage hoewel de merknaam door concurrent Delahaye nog enige jaren in de markt gehouden werd.

De Delage D.8SS kun je het topmodel van Delage noemen. De D8 was een 8-cylinder, oorspronkelijk uitgegeven in 1929, verkrijgbaar in 3 chassislengtes. We zitten nog in de tijd dat de autofabrikanten het chassis en de motor leverden en de koetsbouwers de carrosserie. De SS was de Super Sport-uitvoering, de zwaarste en de snelste (160 km/u).

De Delage D.8SS van Heller is een typische Europese wagen uit de hoge klasse. Het is een lange, slanke en redelijk lage auto met veel minder opsmuk dan de Amerikaanse tegenhangers. Weinig chroom, geen whitewalls, geen reservewielen aan de zijkanten, slechts één paar koplampen. Wel de kenmerkende tweekleuren ‘druppelvorm’ die Bugatti’s en Delahayes ook vaak hebben.

Niet al te veel onderdelen

Niet al te veel onderdelen

En het is ook een typische Heller: niet al te veel onderdelen, de carrosserie helaas opgedeeld in verschillende delen, sturende wielen en beperkte decals (dashboard en nummerborden). Al met al een prima bouwdoos met een paar moeilijke puntjes. Als je de carrosserie aan elkaar moet lijmen dan wil je het liefst dat het droog ook al mooi in elkaar valt. Aan de foto kun je zien dat dat absoluut niet het geval is. Dat betekent lijmklemmen en lang laten drogen. Daarbij zat er op het middenstukje, achter de achterbank, zoveel spanning dat het weer losraakte. Aan het eind komt de kap daaroverheen zodat het wel goed vastzit maar je ziet een duidelijke lijmverbinding zitten. Datzelfde geldt voor de spatborden waar mijn schuur- en plamuurwerk weer eens onvoldoende was.

Past niet helemaal...

Past niet helemaal…

Maar toch, het is ondanks de foutjes uiteindelijk een fraaie wagen geworden.

Voor de kleuren heb ik niet gekozen voor de afbeelding op de voorkant: geel en zwart, maar voor donkerrood en zwart. Qua kleur is het sowieso vrij sober. De meeste motoronderdelen en het chassis, inclusief de spaakwielen kun je (half)glanzend zwart maken. Wat aluminium in de motor, staal voor het spruitstuk en de uitlaat en dan zwart en rood voor carrosserie en interieur.

Alles in de grondverf en de plamuur

Alles in de grondverf en de plamuur

De motor en het chassis kun je dan ook als eerste bouwen en vervolgens airbrushen. De oliepan wordt aluminium, de cylinderkap heb ik per ongeluk ook aluminium gespoten (moest zwart) maar dat vond ik wel fraai staan dus ik heb het maar zo gelaten. Er komen nog wat chromen onderdelen op, een beetje bronsverf en je hebt een fraaie motor. Het chassis is vrij standaard, de vooras bouw je op zodat de wielen kunnen sturen. Daarbij moet je weer klinken met een heet mesje en daar ging ik weer de fout in. Eentje te ver geklinkt zodat hij vastzit. Hij stuurt een klein beetje.

De wielen moet je volgens de bouwtekening ook klinken maar mijn ervaring is dat je kunt volstaan met de chromen dopjes op de asuiteinden te lijmen. De wielen zitten prima vast, wiebelen niet en draaien goed.

De onderkant van de carrosserie lag inmiddels klaar: gelijmd, geplamuurd en zwart gespoten.  Lijmen, passen, een gewicht erop en een nachtje laten drogen.

Van de passagierscabine kun je wel wat maken. Ik heb de bekleding in hetzelfde zwarte en rood uitgevoerd. De stoelen en bank ook rood, over een zwarte grondverf zodat er toch wat tekening ontstaat. Het dashboard is vlak, met een decal voor de meters. Niet zo mooi als een in reliëf uitgevoerd dashboard met decals voor de meters, maar goed, het is Heller, geen Tamiya.

delage_05

Klaar om in elkaar gezet te worden

Dan is het tijd voor de bare metal foil. Alleen de zijraampjes en het achterraam dus dat valt wel mee. En dan kunnen we alles in elkaar passen en op de onderkant lijmen. En dat gaat in één keer goed.

De adrenaline stroomt, ik heb er zin in, dit wordt een succesnummer. Maar ik weet dat het sluitstuk nog moet komen. De motorkap moet er nog op. Als alles perfect gaat kun je de motorkap er zo opleggen. Die glijdt dan tussen de radiator en de cabine op zijn plaats zonder dat je iets hoeft te lijmen. Maar dat is uiterst zeldzaam. En helaas, ook bij deze gaat het niet goed. Hij sluit niet aan bij de radiator en zit te hoog bij de passagierscabine. Vijlen dus, maar ook dat geeft na lang proberen niet het gewenste resultaat. Dan blijt er maar één optie open. Ik heb de radiator losgehaald, vastgelijmd aan de motorkap, de radiator weer vastgezet en ten slotte de andere kant van de motorkap onder de nodige druk ook vastgelijmd. Zo zit hij (redelijk) goed.

Alternatief persen

Alternatief persen

Tot slot de afwerking met de verlichting, de bumpers en de nummerborden. De decals van de nummerborden geven nog een paniekmomentje want door de ouderdom breken ze in 4-5 stukken. Met veel geduld puzzel ik ze in elkaar met een penseeltje.

Lampies met logo

Lampies met logo

En dan is hij klaar. Een mooie aanwinst voor mijn Heller-collectie: de Delage D.8SS.

Update 31-8-2016: Heller heeft hem inmiddels opnieuw uitgebracht. Naar de winkel dus!

delage_08

Slank en fraai gelijnd: de Delage D.8SS van Heller

delage_09

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.